De regisseur is de baas! Toch?

De regisseur is de baas! Toch?

Op dit moment zijn we druk bezig met maar liefst twee producties. Onze voorstelling in de Leidse Schouwburg op 23 november natuurlijk van de familie Bruinsma in de bocht, en een eigen geschreven drama als dialoog met de titel Zusterliefde wat we op twee festivals en een open podium gaan opvoeren. In de maanden september tot november. Ik heb het voorrecht om bij beide producties op verschillende manieren betrokken te zijn. In het stuk van de familie Bruinsma speel ik de geweldige rol van de stotterende zoon Boris Bruinsma, een onbehouwen, niet al te bijdehand type. Als u onze eerdere voorstellingen van deze familie gezien heeft, herkent u hem direct.

Het stuk andere stuk is ons stuk Zusterliefde, wat ik mag regisseren. Dat is een compleet andere ervaring dan het spelen van een rol. Je bent vooral een wezenlijk onderdeel tijdens de repetitie periode, maar het hoogtepunt ligt eigenlijk bij de laatste repetitie, want daarna moeten de acteurs het van je overnemen en het op het podium neerzetten. Vaak denkt men dat de regisseur de baas is, hij of zij bepaalt alles. Maar dat is in mijn ogen niet helemaal waar. Je bent als regisseur juist faciliterend voor de acteurs. Het is de taak van de regisseur om hun externe ogen en oren te zijn. Als regisseur zie je wat het publiek te zien krijgt. En probeer je het maximale uit het geheel te halen. De mise-en-scène, het licht, decor en natuurlijk de acteurs. Je kunt het geheel overzien en daarom  kun je aanwijzingen geven waar iemand zou moeten staan tijdens een scene.

Als acteur heb je een bepaald beeld hoe je je karakter en rol neer zet. Maar of dat ook zo op het publiek overkomt, dat weet je niet. En daar kan de regisseur je in helpen. Die kan zien hoe het spel van de acteur overkomt. En dus kan de regisseur aangeven of het meer of juist minder expressief moet, wat de acteur vervolgens moet zien te interpreteren in zijn manier van spelen. Het is een proces van naar elkaar luisteren en elkaar vertrouwen. De acteur vertrouwt de regisseur dat zijn beeld vanuit het oogpunt van het publiek de juiste is, en de regisseur moet vertrouwen op de acteur dat hij of zij dat kan invullen.

De repetitie periode voor de regisseur zit hem dan ook in het zien van de groei in de productie. Je moet de progressie zien gedurende de weken dat je aan het repeteren bent en dat goed plannen zodat je het eindresultaat krijgt wat je als team nastreeft. Je bent als regisseur dus niet de baas. Je geeft de leiding aan de productie vanuit het uitgangspunt dat alles goed moet samenkomen. Door te oefenen, te repeteren. En het te zien groeien. Door te inspireren en motiveren, want voor een acteur kan het soms erg frustrerend zijn te merken dat het repeteren nog niet op het niveau zit wat je voor ogen hebt. Maar repeteren is net als leren fietsen. Oefenen, vallen en weer opstaan en opnieuw proberen. Net zolang totdat je geen zijwieltjes meer nodig hebt, maar het op eigen kracht kunt. En dat is het moment waarop de regisseur afstand kan nemen en we als team klaar zijn voor de uitvoering. Zodat jullie als publiek kunnen genieten van het eindresultaat. En dat doel is voor iedereen  van het team wat we voor ogen houden. Als acteur en als regisseur!

No Comments Yet.

leave a reply